Kerkorgel

Het orgel in de Pieterskerk te Breukelen
Het door Gideon Thomas B?tz gebouwde orgel werd geschonken aan de Hervormde Gemeente te Breukelen door de Amsterdamse koopman Claude van Noordwijk, die een buitenplaats bij Breukelen bezat. Naar aanleiding van de ingebruikname op Tweede Pinksterdag, 28 mei 1787, wordt vermeld: "Dit kunststuk (is) boven den Predikstoel geplaatst, daar het geen wijdsche pracht, maar overeenkomstig de Plaats, die het beslaat, een eenvoudige deftigheid vertoont " Inderdaad toont het orgel niet groot, tegen de scheidingswand met het koor. Maar de tamelijk unieke schildering van een zogenaamde Turkse kap (in de Middeleeuwen een soort ophijsbaar stofgordijn) rondom het orgel, geeft het toch een opvallende plaats in het interieur, dat in zijn geheel nog dateert uit dezelfde tijd als het orgel. Op advies van C.G.F. Witte werd in 1867 een restauratie uitgevoerd, waarbij hij een tweede klavier toevoegde "met eenige zachte geluiden, geschikt voor prae- en interludia". In 1980 voltooiden de Gebr. Van Vulpen de laatste restauratie van dit orgel. Omdat het pijpwerk van B?tz en Witte nog bijna integraal aanwezig was, kon de oorspronkelijk dispositie gehandhaafd blijven.

Dispositie
Manuaal (C - f")
Bourdon 16'
Prestant 8'
Holpijp 8'
Quintadeen 8' bas
Octaaf 4'
Fluit 4' b/d
Quint 3' b/d
Octaaf 2' b/d
Sexquialter IV disc.
Cornet V disc.
Mixtuur IV-VIII b/d
Trompet 8' b/d
Tremulant
Bovenmanuaal (C - f")
Holfluit 8'
Viola da Gamba 8'
Roerfluit 4'
Manuaalkoppel
Pedaal (C-d'): aangehangen